Blogs

Zorg samen voor de juiste hulp op het juiste moment

Gezien de prijs van intensieve gezinsinterventies kun je je afvragen of ze wel thuishoren in het aanbod van gemeenten. Het doel van de transformatie is immers om dichter bij huis goedkopere hulp te bieden. Ik denk dat die dure interventies juist een onmisbaar onderdeel zijn van het lokale jeugdhulppakket. En ik denk dat aanbieders dat pakket samen moeten presenteren aan gemeenten.

Op een conferentie over intensieve gezinsinterventies hield ik onlangs een inleiding. Mij werd gevraagd of er in het nieuwe jeugdstelsel wel een plek is voor dergelijke interventies; instellingen merken dat gemeenten aarzelen of ze deze wel moeten inkopen. Door hun intensiteit zijn die interventies namelijk niet goedkoop: de kosten kunnen oplopen tot wel 15.000 euro voor één gezin. Ontwikkelaars en instellingen vragen zich af of ze deze interventies nog wel aan gemeenten verkocht kunnen krijgen, en gemeenten vragen zich af of de betreffende gezinnen niet veel goedkoper ook door de wijkteams kunnen worden geholpen.

Ik heb het over interventies als Multi Systeem Therapie (MST), Relationele Gezinstherapie (RGT), Parent-Child Interaction Therapy (PCIT), Multidimensionele Familietherapie (MDFT), Parent Management Training Oregon (PMTO), F-ACT Jeugd et cetera. Allemaal intensieve interventies die zijn ontwikkeld voor complexe problematiek; de meeste zijn opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut.

Transformatiedoelen

Zeker, deze intensieve gezinsinterventies zijn duur. Maar ze kunnen gemeenten helpen de doelen van de transformatie te realiseren.

De transitie en de transformatie van de jeugdhulp naar de gemeenten had vijf centrale doelenIn elke regio moet een goed overzicht bestaan van de schakering van lichte tot zware activiteiten en interventies. Een daarvan is sneller jeugdhulp op maat bieden, dicht bij huis, om het beroep op gespecialiseerde zorg te verminderen. Als je naar dat doel kijkt, zou je kunnen concluderen dat we er beter aan doen om relatief dure, intensieve ambulante interventies maar niet meer te leveren. Kijk je echter wat dieper, dan zie je dat het gaat om interventies die zijn ontwikkeld om een ambulante aanpak mogelijk te maken voor gezinnen met complexe problemen, waarvan kinderen voorheen vaak residentieel of in dagbehandeling werden opgenomen. Ze voorkomen dus veel duurdere zorg en soms zelfs een criminele loopbaan.

Tegelijkertijd blijft door deze interventies, al is het met professionele ondersteuning, meer regie bij het gezin – ook een transformatiedoel - en kan het kind vaak in de eigen omgeving naar school blijven gaan.

Continuüm van zorg

Probleem in de praktijk is dat deze interventies te veel afzonderlijk worden 'verkocht' aan gemeenten. Daardoor ontbreekt de samenhang van deze interventies in een breed aanbod van systeem- en gezinsgerichte aanpakken, van heel licht (bijvoorbeeld in een wijkteam of door ouders te betrekken bij de behandeling van ADHD) tot heel zwaar (intensieve gezinsinterventie en zelfs systemische aanpak in een kliniek). Daarmee ontbreekt ook het zicht op de logische plek van intensieve interventies in het continuüm van zorgaanbod.

Om op het juiste moment de juiste zorg te kunnen leveren, moet in elke regio een goed overzicht bestaan van de schakering aan mogelijkheden in het continuüm van lichte tot zware activiteiten en interventies. Dat overzicht kunnen de instellingen alleen gezamenlijk tot stand brengen. Maar dan moeten ze wel over de schaduw van 'marktwerking' en onderlinge concurrentie heen kunnen stappen.

Als instellingen zo samenwerken, kunnen ze zorgen dat kinderen en gezinnen de juiste hulp op het juiste moment krijgen – waar dat nodig is ook een intensieve gezinsinterventie.

Over de auteur

Wim Gorissen

Wim is 15 jaar werkzaam geweest in de openbare gezondheidszorg, als arts-epidemioloog, forensisch geneeskundige, beleidsadviseur en adjuncthoofd jeugdgezondheidszorg. Hij promoveerde op de relatie tussen wetenschap en beleid in de jeugdgezondheidszorg. Daarna werkte hij 14 jaar in de de geestelijke gezondheidszorg, eerst als manager zorgontwikkeling en later als zorgdirecteur in de kinder- en jeugdpsychiatrie. Sinds december 2015 is hij directeur effectiviteit en vakmanschap bij het NJI.

Om te reageren dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.
Adviseur

Als we kijken vanuit het verdrag inzake de rechten van het kind, naar punt 10  staat er .

"Het lichamelijk, geestelijk of sociaal misdeelde kind moet een zodanige behandeling, opvoeding en

extra -verzorging  krijgen als zijn staat of toestand vereist." Als we ons daar nu eens aan zouden houden? ;-)

Coördinator

Zeer urgente en belangrijke oproep. Er is nu veel versnippering en idd concurrentie. Niet alleen rondom de intensieve gezinsinterventies, ook rond de preventieve interventies uit de databank (zoals Stevig Ouderschap, VoorZorg, VRIENDEN, e.v.a.). En wat te denken van de versnippering in kosten en baten?

We hebben in Nederland jeugd en ouders die ondersteuning of zorg nodig hebben veel te bieden, maar waarom lukt die juiste hulp op het juiste moment dan toch zo vaak niet...?

Organisatie: Zelfstandige; Advies Verandering Projectleiding in het sociaal domein
Functie: Adviseur
Sector / werkveld: Onderzoek en advies
Organisatie: SBPN
Functie: Secretaris/belangenbehartiger
Organisatie: Nederlands Jeugdinstituut
Functie: Adviseur
Organisatie: VUmc / EMGO+, afdeling sociale geneeskunde
Functie: Coördinator
Sector / werkveld: Jeugdgezondheidszorg, Onderzoek en advies
Organisatie: Nederlands Jeugdinstituut
Functie: Directeur Effectiviteit en Vakmanschap
Sector / werkveld: Jeugd-ggz
Organisatie: BBOOS (Echtscheidingsverwerking )
Functie: Adviseur
HomeThema'sWerkgroepenDeelnemersOver dit platformUpdatesPrikbordBlogs3 vragen overKalenderPraktijkvoorbeeldenVraag & Antwoord