Blogs

Overleden na mishandeling: wat beweerd wordt en wat we weten

1983

Vorige week hoorde ik iemand beweren dat het aantal kinderen dat is overleden na mishandeling het afgelopen jaar gehalveerd is. En dat dit een gevolg zou zijn van de decentralisatie van de jeugdhulp naar gemeenten. Dat laatste lijkt me een sterk staaltje wensdenken. Dat zou een geweldige prestatie zijn. Als het waar is. Op dit moment zijn er namelijk geen cijfers beschikbaar waaraan je die bewering kunt toetsen.

Diezelfde week dook het woord ‘halvering’ ook op in de berichtgeving over het eindrapport van de Taskforce Kindermishandeling en seksueel misbruik. In kranten en op tv lichtte de voorzitter, de Amsterdamse burgemeester Eberhard van der Laan, toe wat de Taskforce wil bereiken. In 2020 moet het aantal kinderen dat wordt mishandeld, verwaarloosd of misbruikt, gehalveerd zijn van 119.000 kinderen per jaar tot 60.000. In zijn voorwoord bij het rapport schrijft Van der Laan dat er jaarlijks tientallen kinderen omkomen door mishandeling. Dat riep bij mij de vraag op of we eigenlijk wel weten om hoeveel kinderen het gaat.

Wat weten we?

Elk overleden kind is er natuurlijk een te veel

Er is geen landelijke registratie van het aantal kinderen dat overlijdt als gevolg van enige vorm van kindermishandeling. Kuyvenhoven e.a. hebben in 1996 geprobeerd tot een inschatting te komen door een enquête te houden onder huisartsen en kinderartsen. Zij kwamen uit op een schatting van 40 kinderen en jongeren per jaar. Een beperking aan dit onderzoek was dat er geen duidelijke definitie werd gebruikt. Het werd aan de artsen zelf overgelaten wat ze onder kindermishandeling verstaan. Verder moet je er rekening mee houden dat kindermishandeling niet is vastgesteld in alle gevallen waarin daarvan wel degelijk sprake was. Dan gaat het dus om meer dan 40 jeugdigen per jaar.

Soerdjbalie-Maikoe e.a. hebben het in 2010 anders aangepakt. Zij hebben gekeken naar alle gerechtelijke secties die in de periode 1996 – 2009 zijn verricht op minderjarigen. Dat zijn secties waartoe de officier van justitie opdracht geeft omdat de arts die de lijkschouw heeft gedaan, niet overtuigd is van een natuurlijk overlijden. Op grond van een nauwkeurige analyse schatten de onderzoekers dat er gemiddeld elk jaar 15 ‘zekere’ en 2 ‘waarschijnlijke’ gevallen van fatale kindermishandeling zijn. Daarbij tekenen zij aan dat het in werkelijkheid waarschijnlijk om meer gevallen gaat. Het kan namelijk gebeuren dat er bij de sectie geen duidelijke sporen van mishandeling waren terwijl daar wel sprake van was. En het komt nog steeds voor dat artsen geen verband leggen tussen de doodsoorzaak van een kind en eerdere mishandeling. Zo kan hersenletsel als gevolg van mishandeling veel later nog tot fatale gevolgen leiden.

CBS-cijfers

Het onderzoek van Soerdjbalie en haar medewerkers is alweer zes jaar oud en daarom heb ik voor de gelegenheid ook gekeken naar recente doodsoorzaakcijfers van het CBS. Kindermishandeling is daarin niet apart als doodsoorzaak opgenomen, wel ‘moord en doodslag’ en ‘gebeurtenissen opzet onbekend’. Tellen we die bij elkaar op, dan komt daar voor het jaar 2015 een getal van 17 jeugdigen van 0 tot 20 jaar uit, evenveel als in de studie uit 2010. Maar ook hier zullen er gevallen zijn waarin ten onrechte geen kindermishandeling is vastgesteld. Je zou dus kunnen zeggen dat het minimaal om 17 kinderen gaat.

Van der Laan wijst met recht op het trieste gegeven dat er jaarlijks kinderen omkomen als gevolg van mishandeling. Of je dan net als Van der laan kunt spreken van tientallen lijkt echter de vraag. Laat staan dat je kunt beweren dat dat aantal het laatste jaar is gehalveerd. Elk overleden kind is er natuurlijk een teveel. Halvering van dat aantal is dringend noodzakelijk. Als eerste stap naar het nog verder terugbrengen. Als de decentralisatie daartoe bijdraagt dan is dat een goede zaak, maar laten we wel zorgvuldig blijven omgaan met de cijfers waarover we beschikken.

Over de auteur

Gert van den Berg

Gert van den Berg houdt zich bij het Nederlands Jeugdinstituut onder meer bezig met cijfers en met effectiviteit. Hij is ook betrokken bij de informatievoorziening over de transformatie. Verder ge:interesseerd in: diversiteit, radicalisering en beleidsvragen.

Wat fijn dat je jouw bijdrage wilt geven! Om dat te doen dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.

Ha Gert,

 

Hartelijk dank voor jouw zorgvuldige bijdrage. Dit is zo wezenlijk in deze tijd waar emoties vaak de boventoon voeren, zie de discussie rond vaccinaties. Blogs zoals deze van jou brengen rust en geven een overzicht en verminderen daardoor angst en heftige reacties. Heel fijn dat je dit hebt geschreven, nogmaals dank.

ferko öry  

Functie(s): Onderzoeker / wetenschappelijk medewerker
Organisatie: Nederlands Jeugdinstituut
Sector / werkveld: kennisinstituut
Functie(s): Adviseur
Organisatie: Zelfstandige; Advies Verandering Projectleiding in het sociaal domein
Sector / werkveld: Onderzoek en advies
Functie(s): Adviseur
Organisatie: Buurtzorg Jong
Sector / werkveld: Jeugdzorg
Functie(s): Jeugdbescherming
Organisatie: Jeugdbescherming
Sector / werkveld: Jeugdbescherming, Jeugd-ggz, Onderzoek en advies, Jeugdreclassering, Psy-coaching en begeleiding aan particulieren
Functie(s): Directeur Effectiviteit en Vakmanschap
Organisatie: Nederlands Jeugdinstituut
Sector / werkveld: Jeugd-ggz
Functie(s): Communicatie- / internetmedewerker
Organisatie: Nederlands Jeugdinstituut
Sector / werkveld: Onderzoek en advies
Functie(s): Adviseur
Organisatie: William Schrikker Groep
Sector / werkveld: (onbekend)
HomeUpdatesWerkgroepenDeelnemersOver dit platformPrikbordBlogs3 vragen overKalenderPraktijkvoorbeeldenVraag & Antwoord