Blogs

Circus Inkoop is in de stad!

1879

Rond deze tijd strijkt een circus neer in de stad. De meeste mensen merken er niets van. Maar voor inkopers van gemeenten en managers en verkopers van jeugdhulpinstellingen betekent het een spannende en drukke tijd. Circus Inkoop zet de tenten op, komt dat zien! Hier wordt bepaald welke zorg volgend jaar mag blijven en wie die zorg mag uitvoeren tegen welke prijs.

Hopelijk zijn ze er volgend jaar weer: de rondbuitelende clowns van de ambulante hulp, de jongleurs van de wijkteams, de evenwichtskunstenaars van de jeugd-ggz, de dompteurs van de jeugdbescherming, de trapezeact van de pleegzorg, de gekooide leeuwen van de gesloten jeugdzorg en alle anderen. Elk jaar zetten ze hun beste beentje voor. Uiteindelijk voor de kinderen natuurlijk, maar bij circus Inkoop draait het toch vooral om de gunst van de afdeling Inkoop.
Drie jaar trekt het circus nu rond. Veel artiesten raken vermoeid, overwerkt lijkt het wel. Sommigen houden zich slechts met moeite staande in deze arena.

Verkopers en administrateurs

Het is een goedbedoelde maar niet heel vrolijkmakende bedoening, dit circus. Neem nu een landelijk werkende instelling. Die doet zaken met 388 gemeenten. Dat zijn zeker 42 inkoopcircussen in evenzoveel jeugdzorgregio’s.
Een leger verkopers reist stad en land af. Managers oefenen zich suf in verkoopgesprekken. Controllers rekenen het vaak magere bod van de gemeente voor de tiende keer door. Een even groot leger administrateurs stuurt rekeningen volgens talloze formats naar al die gemeenten, die trouwens vaak te laat betalen.
En de hulpverleners? Die doen hun werk zo goed en zo kwaad als het gaat. Ze hopen dat ze mogen blijven werken voor hun cliënten.
Dat is geen uitgemaakte zaak. In verschillende regio's klinken klachten dat gemeenten tarieven willen die onder de kostprijs liggen. In het ergste geval zien aanbieders zich gedwongen zich terug te trekken uit het circus. Wat eigenlijk ook weer niet de bedoeling is...

Oprechte ambities en knellende regels

Ook voor gemeenten is het een enorme heisa. Met honderd of meer aanbieders die ze moeten leren kennen en vertrouwen, waarmee ze afspraken moeten maken over kwantiteit, kwaliteit en verantwoordingSluit contracten af voor vijf jaar in plaats van een of twee. Dat scheelt al een boel. Met instellingen uit verschillende sectoren, die gestimuleerd moeten worden om beter samen te werken. Met oprechte ambities voor vernieuwing en verbetering, die vaak groter zijn dan de budgettaire mogelijkheden. Met knellende regels waaraan ze moeten voldoen.

Het kan anders

De jeugdhulp verwordt tot een inkoopcircus, een bureaucratisch monstrum. De Transitie Autoriteit Jeugd en de Ombudsman hebben al meermaals gewezen op de problemen en risico’s van dit circus.

Het kan ook anders. Bijvoorbeeld: sluit contracten af voor vijf jaar in plaats van een of twee. Dat scheelt al een boel. Ga voor kwaliteit en continuïteit, niet voor de minimumprijs. Uniformeer per direct de administratieve procedures; dat zou ook een hele verbetering zijn. En een niveautje hoger, bij de Rijksoverheid: zorg dat knellende Europese aanbestedingsregels niet gelden voor de jeugdhulp. En zorg voor genoeg budget.

Als we willen doen wat werkt, dan moeten we ook durven stoppen met wat niet werkt! En in dit inkoopcircus is er nog veel te veel wat niet werkt.

Over de auteur

Nic Drion

30 jaar ervaring in de jeugdzorg, o.a. bij de Kindertelefoon, Medisch Kleuterdagverblijf, Bureaus Jeugdzorg, zorgaanbieders, Advies en Meldpunt Kindermishandeling en  Nederlands Jeugdinstituut. Momenteel werkzaam als adviseur bij het Expertisecentrum van de William Schrikker Groep.. Daarnaast freelance werkzaam als trainer op het terrein van de Meldcode, kindermishandeling, veiligheidsplanning en oplossingsgericht werken. Expertise: kindermishandeling, huiselijk geweld, Veilig Thuis, jeugdbescherming, familiegroepsplan, Family Finding, Signs of Safety.  

Wat fijn dat je jouw bijdrage wilt geven! Om dat te doen dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.

Geheel eens, Hier in Rotterdam heeft de openbare aanbesteding slecht uitgepakt voor de organsiaties die tot dusverre in het gebied Feijenoord actief waren. Volgens mij gaat het bij de WMO om het volgende:

1. dat goede mensen aan het werk zijn voor de jeugdige burgers: dat veronderstelt dat ze zich wortelen in een gebied zodat ze weten wat er speelt en dat kinderen zich kunnen hechten. Continuiteit dus.

2. Dat de gemeente erop toe ziet dat dit werk ook goed gebeurt, door met de betreffende organisaties regelmatig over hun performance te spreken en daar zonodig consequenties aan te verbinden.

3. Een gelijk speelveld dat de ruimte biedt aan nieuw initiatief van kleinere organsiaties of ZZP-ers, zonder de bestaande infrastructuur overhoop te halen.

In de casus Feijenoord is het op al deze punten misgegaan. De gemeente zette in op een rigide toetsingskader dat geen rekening hield met wat in de praktijk goed gaat, op een 'winner takes all' benadering, en op het bewust in de hand werken van kartelvorming. De wethouder deed geen poging de schade van zijn beslissing te beperken; dat is doorrijden nadat je een ernstig ongeluk veroorzaakt hebt.

Inderdaad is het terugbrengen van het aantal aanbieders helemaal tegen de geest van de transitie. Bovendien veroorzaakt het dyscontinuiteit in de behandeling: stel u voor dat u verandert van zorgverzekeraar, en daardoor een andere huisarts moet zoeken, maar dat deze ook nog eens een wachttijd heeft van 6-12mnd! Dat is nu het geval in oa Rotterdam. De nieuwe huisarts(aanbieder) is ook nog ongewis, en wellicht over 12mnd al weer gestopt omdat hij de aanbesteding van 2019 niet gekregen heeft.... Wil je dit je kind aandoen?

Meer-jaren plannen zijn op dit moment echter nog vol risico, want hoe gaan de afspraken uitpakken? Duidelijk is dat de administratieve belasting nu al fenomenaal toeneemt, ik hoop dat de gemeente R'dam dat zelf ook merkt (nu al 100 medewerkers op jeugdzorg) zodat er een rem ontstaat. We moeten naar 1 bekostigingsmodel: 1 gezin 1 plan 1 bekostiging.

Dag Nic,

pakkend artikel en heel herkenbaar!

Wellicht toch ook nog goed om te kijken naar de gebruikers van het circus, de toeschouwers; ouders, jeugdigen. We zijn nu wat verder in de transitie en wat zien we t.a.v. het jeugdzorggebruik? Is er al sprake van zorgreductie, wordt er al ontschot, gekanteld? Heeft de nieuwe toegang (wijkteams i.p.v. Bureau Jeugdzorg) al zijn preventieve werking? Is er al een verschil merkbaar t.a.v. de instroom j-ggz via huisartsen? De laatste cijfers (CBS) laten het (niet) zien: in de eerste helft van 2017 maakten 319.945 jongeren tot 23 jaar gebruik van jeugdhulp, 50% daarvan is tussen de 4 en 11 jaar, dat is 10% van alle kinderen in Nederland. 36,5 % van de verwijzingen gaat via de huisarts, dat is iets minder dan in 2016. Al eerder werd geconstateerd dat er nauwelijks inhoudelijke effecten zijn van het gemeentelijk handelen t.a.v. aanbod en aanbieders, de prioriteit lag bij het organiseren en inregelen van het nieuwe stelsel en niet op het vernieuwen daarvan ("Sturing op specialistische hulp" Significant: 30-1-2017).  En hoogleraar psychiatrie Jim van Os deed eerder dit jaar al de melding dat 30 tot 40 % van de kosten van de GGZ zit in overhead. Bijna 60% van de kosten in de GGZ komt overigens voor rekening van mensen met een uitkering. (CBS/Harvard University/SoZa; september 2017). Het is dus echt tijd voor een ander circus en een revolutionaire aanpak. Een voorbeeld? Afschaffen van het merendeel van de beschikkingen (zoals "voorheen" de indicaties voor ambulante zorg) levert al een aanzienlijke reductie op t.a.v. de overheadkosten. Juristen zeggen dan: "dat kan niet, want de burger moet bezwaar kunnen maken". Tja, dan heb je of geen goed startgesprek gevoerd of je geeft alsnog een beschikking indien men bezwaar wil maken. Welke circusdirecteur pakt de echte verander handschoen op?

Er zal geen zorgreductie plaatsvinden, dat is een foutieve en inmiddels achterhaalde veronderstelling van de jeugdwet. Maar wel een toename van de zorg, en hopelijk vooral bij groepen (Turkse en marokkanse Nederlanders) die nu nauwelijks in beeld komen, behalve in het forensische circuit. De wijkteams die namelijk echt zorg leveren (er zijn er ook die alleen indiceren, of die 'zorg' van 0-100jr leveren) boren nieuwe groepen aan. Het idee dat ze preventief werken of doorverwijzing naar specialistische jeugdzorg i.c. kinderpsychiatrie voorkomen is ook een veronderstelling, die in de afgelopen 3 jaar nog nergens uitgekomen is.

Als je bovendien weet dat jeugdzorg zichzelf 11x terugverdient, is een bezuiniging van 450milj uiteindelijk een kostenpost van 5 miljard. Dat zal de komende jaren terug te zien zijn bij justitie, uitkeringen en hogere zorgconsumptie. 

De zorgverzekeraars hebben veel belang bij een goede jeugdzorg en vooral kinderpsychiatrie, het zou dus voor de hand liggen dat ze mee gaan betalen.

Het terugdringen van de administratieve lasten kan alleen als de 380 gemeenten een uniform bekostigingsmodel gaan hanteren. In Groningen loopt nu een project waarbij de gemeenten op basis van vertrouwen hun dolgedraaide controlezucht loslaten, waardoor de kinderpsychiatrie minder administratie en dus meer zorg kan leveren. Dat verdient ook navolging.

Organisatie van toegang en toeleiding is van belang

Vrijwel alle gemeenten hebben de toegang en toeleiding georganiseerd in lokale teams met verschillende benamingen. Daarnaast kunnen ook (jeugd)artsen verwijzen en kan de Gecertificeerde Instelling jeugdigen aanmelden na een besluit van de kinderrechter. Zij bepalen mede wie gebruik mag maken van (gespecialiseerde) jeugdhulp. Een analyse van de cijfers laat zien dat de lokale teams die door deze middelgrote gemeente zijn georganiseerd maar voor maximaal 25% van het budget bepalen of er gebruik gemaakt mag worden van (gespecialiseerde) jeugdhulp. 75% van het budget wordt vooralsnog door anderen dan de gemeente bepaald.

Zie verder: http://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/kennispartners/radargroep/gemeente-grip-op-slechts-20-uitgaven-jeugdhulp.9549610.lynkx

Functie(s): Adviseur
Organisatie: Zelfstandige; Advies Verandering Projectleiding in het sociaal domein
Sector / werkveld: Onderzoek en advies
Functie(s): Beleidsadviseur jeugd en projectleider voor gemeenten en organisaties vanuit Stade Advies. Trainer aanpak kindermishandeling. Voormalig directeur Bureau Jeugdzorg en manager AMK. Auteur van de Kleine gids kindermishandeling.
Organisatie: Stade Advies
Sector / werkveld: Gemeentelijke overheid, Jeugdzorg, Onderzoek en advies
Functie(s): Adviseur
Organisatie: De Pannenboog
Sector / werkveld: (onbekend)
Functie(s): Directeur
Organisatie: Pedagogisch Engagement
Sector / werkveld: (onbekend)
Functie(s): Onderzoeker / wetenschappelijk medewerker
Organisatie: Universiteit Utrecht/Hogeschool Utrecht
Sector / werkveld: (onbekend)
Functie(s): Adviseur
Organisatie: William Schrikker Groep
Sector / werkveld: (onbekend)
Functie(s): Programmaleider Veilig Opgroeien
Organisatie: NJi
Sector / werkveld: (onbekend)
Functie(s): Gedragswetenschapper / psycholoog / (ortho)pedagoog
Organisatie: Zelfst
Sector / werkveld: (onbekend)
HomeThema'sWerkgroepenDeelnemersOver dit platformUpdatesPrikbordBlogs3 vragen overKalenderPraktijkvoorbeeldenVraag & Antwoord