Generiek Gezinsgericht Werken - Amsterdam

intensief gezinsgericht casemanagement voorkomt kinderbeschermingsmaatregelen

Samenvatting

Met deze integrale aanpak van Generiek Gezinsgericht Werken is Jeugdbescherming Regio Amsterdam (JBRA) in staat de veiligheid van het kind blijvend te garanderen. In het Generiek Gezinsgericht Werken (GGW) combineert de gezinsmanager de kaders van jeugdbescherming, jeugdreclassering en jeugdhulpverlening volgens het principe één gezin, één plan, één medewerker. De gezinsmanager krijgt hulp van een multidisciplinair team. Met de nieuwe manier van werken voorkomen we dat gedwongen maatregelen nodig zijn. De kern van de aanpak is gebaseerd op de evidence based methodiek van Functional Family Parole, dit is door JBRA doorontwikkeld voor gezinsgericht casemanagement in samenwerking met FFT-LLC in de Verenigde Staten, Seattle Washington State. Zie hier voor meer informatie.

Gezinsmanager Diane Brinkman is enthousiast over de nieuwe aanpak van JBRA. ‘Vroeger had ik als gezinsvoogd een paar contactmomenten per gezin per jaar. Nu net zo veel als nodig. En omdat we binnen JBRA interdisciplinair zijn gaan werken, vindt er ook geen overdracht meer plaats van drang naar dwang of andersom. Daardoor kun je echt een band opbouwen met een gezin.’ Samen met het gezin stelt de gezinsmanager een plan op om te zorgen dat de kinderen in een gezin veilig zijn. Een tevreden moeder: ‘Ik ben overal bij betrokken, weet wat er gebeurt en wat de reden daarvan is. Ik vertrouw jullie nu.’

Wat levert het op?

De GGW-aanpak is effectiever en efficiënter  dan de traditionele aanpak. Als we de stand van zaken in oktober 2014 vergelijken met de gegevens over 2011 zien we dat:

  • gezinnen minder vaak opnieuw instromen;
  • de administratieve overhead minder is door het terugbrengen van overbodige bureaucratie;
  • sinds 2011 (het eerste jaar dat is gewerkt met GGW) het aantal ondertoezichtstellingen in Amsterdam met vijftig procent afgenomen is. Het aantal gedwongen maatregelen van uithuisplaatsing is in dezelfde periode met 60 procent gedaald.
  • Het aantal voogdijmaatregelen met 14 procent daalde.
  • sinds 2011 het aantal jeugdigen met een Jeugdreclasseringsmaatregel met 45 procent is gedaald. Het aantal dubbele maatregelen, waarbij tevens een Jeugdbeschermingsmaatregel wordt ingezet, daalde met 50 procent.
  • het totaal aantal gezinnen dat Jeugdbescherming begeleidt met 50 procent is gedaald tot 4.000. Hiervan worden 2.500 gezinnen preventief begeleid (voorkomen van dwang) en 1.500 gezinnen ontvangen casemanagement waarbij sprake is van dwang in de vorm van een jeugdbeschermings- en/of jeugdreclasseringsmaatregel.
  • het rapportcijfer voor cliëntentevredenheid steeg van 5,8 naar 7,5. Daarbij geeft ruim 50 procent van de cliënten zijn gezinsmanager een acht of hoger (landelijke C-toets).

Vanaf 2015 wordt jaarlijks 20 miljoen euro bespaard op het casemanagement en meer dan 10 miljoen op de inzet van Jeugd- en Opvoedhulp. Er wordt minder dure zorg ingezet en het aantal uithuisplaatsingen neemt verder af. De zorg kan vaker in het eigen gezin effectief worden ingezet waarbij de veiligheid kan worden gegarandeerd.

Hoe is de opzet?

De basis van GGW wordt gevormd door vijf uitgangspunten:

  1. alle kinderen in het gezinssysteem blijvend op de veiligheidsnorm
  2. één gezin - één plan - één gezinsmanager - één basisteam – verbonden met een wijkteam
  3. aansluiten bij gezinnen, altijd met het hele gezinssysteem in de kamer in gesprek
  4. de eigen kracht van een gezin en hun sociale netwerk benutten
  5. niet over maar mét het gezin praten

De gezinsmanagers zijn de regisseurs van de hulpverlening, zij worden ondersteund door een multidisciplinair basisteam, een senior gezinsmanager (supervisor), een teammanager en een gedragsdeskundige. Ze werken samen met de wijkteams en adviseren over gezinnen waar preventieve inzet nodig is om dwang te voorkomen.

Wat werkt goed? Wat kan beter?

Succesfactoren:
  • Een verbetering van de begeleiding van kwetsbare gezinnen.
  • Een verschuiving van hulpverlening in een justitieel kader (dwang) naar preventieve hulpverlening om dwang te voorkomen (drang).
  • de ontwikkeling wordt zowel om inhoudelijke redenen (een blijvend resultaat) als om financiële redenen (minder beroep op dure voorzieningen) toegejuicht.
  • Door aan te sluiten bij het gezin en de krachten van het gezinssysteem zijn de oplossingen duurzamer.
  • Doordat alle gezinsmanagers specialist zijn op het gebied van intensief casemanagement en zo nodig jeugdbescherming en jeugdreclassering in kunnen zetten, zien de gezinnen altijd dezelfde regisseur en is de samenwerking veel effectiever.
  • De gezinsmanagers hebben wekelijks een dagdeel multidisciplinaire intervisie en kunnen altijd de juiste deskundigheid inzetten ongeacht de ernst en de aard van de onveiligheid van de kinderen en de problematiek van de gezinnen.
  • Door regelmatig uitvoerdersoverleg met het hele gezin en door de gezinsmanager ingezette behandelaars en begeleiders is het zeker dat de ingezette zorg effectief is en waar dat niet zo is, wordt dit onmiddellijk onderkend en actie ondernomen.
  • De gezinsmanagers maken altijd een terugvalpreventieplan met het gezin om zo de blijvende veiligheid van de gezinnen te garanderen en dragen het gezin persoonlijk over  naar het wijkteam. Daarbij worden afspraken gemaakt over wat het gezin moet doen bij terugval.
Faalfactoren;
  • Wanneer netwerkpartners werken op de oude manier is maatwerk nog niet altijd mogelijk. Dit kan  risico’s hebben voor de effectiviteit en continuïteit. Dit wordt ondervangen door altijd te escaleren tot op directieniveau en gemeentelijk niveau
  • als maatwerk niet mogelijk is.  Regionale schotten:  gezinnen uit de doelgroep verhuizen vaker dan gemiddeld. Werken op wijkniveau is hierbij in strijd met het principe van één gezin, één plan, één gezinsmanager. Dit wordt ondervangen door de gezinsmanager aan te houden als het gezin verhuist.

Wat kost het?

Generiek Gezinsgericht Werken kost €8.750 per gezin voor een jaar, ongeacht de problematiek en ongeacht het aantal kinderen (prijspeil 2015).

Voor de pilot GGW werd een subsidie beschikbaar gesteld door het ministerie van V&J, de gemeente Amsterdam en Pro Juventute. Doordat JBRA  ervoor heeft gekozen GGW in de gehele organisatie door te voeren, zijn hiermee echter meer dan twee keer zoveel kosten gemoeid. Hiervoor is intern en uit verschillende andere bronnen financiering voor gevonden. Werken volgens GGW en FFP vraagt een gerichte investering en een systeemverandering.

JBRA heeft Intervence, voorheen Bureau Jeugdzorg Zeeland, ondersteund bij de implementatie en training van gezinsgericht casemanagement volgens GGW en ondersteunt Intervence bij de borging en doorontwikkeling hiervan.

Contact

Organisatie: Jeugdbescherming Regio Amsterdam
Telefoonnummer: +31648078574

Vragen?

Heb je een vraag of opmerking, of wil je een ervaring delen?
Om te reageren dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.
Organisatie: Jeugdbescherming Regio Amsterdam
Functie: Kennisambassadeur en programmamanager
Sector / werkveld: Gemeentelijke overheid, Jeugdbescherming, Jeugdzorg, Onderzoek en advies, Jeugdreclassering
HomeThema'sWerkgroepenDeelnemersOver dit platformUpdatesPrikbordBlogs3 vragen overKalenderPraktijkvoorbeeldenVraag & Antwoord